Moraal of moreel?

In Enschede wordt aanstaande vrijdag de conclusie van de verkenners bekendgemaakt. De huidige wethouder Marc Teutelink van BurgerBelangen Enschede lijkt de uitkomst echter al te kennen. Uit berichtgeving blijkt dat hij zich inmiddels nadrukkelijk bemoeit met de vorming van een nieuwe coalitie.

Hoe werkt zo’n proces eigenlijk?

Na de verkiezingen – gewonnen door GroenLinks-PvdA op basis van het aantal stemmen – zijn verkenners aangesteld. In Enschede zijn dat oud-burgemeester Onno van Veldhuizen en Alifa-bestuurder Suzan Veldhuis. Hun taak: gesprekken voeren met alle partijen en in kaart brengen welke coalities mogelijk zijn.

Daarna volgt een informateur, die onderzoekt of een concrete samenwerking haalbaar is en helpt bij het opstellen van een coalitieakkoord. Pas daarna komt een formateur in beeld, die het akkoord afrondt en de wethouders selecteert.

De grootste partij (in Enschede GroenLinks-PvdA) heeft invloed, maar geen alleenheerschappij. Het draait om onderhandelingen en uiteindelijk om een meerderheid in de gemeenteraad.

Des te opvallender is de rol die de huidige wethouder pakt. Want als hij nu al aan tafel zit: namens wie eigenlijk? En belangrijker nog: hoeveel wethouders denkt BurgerBelangen Enschede nodig te hebben? Of is er, na vier jaar besturen, behoefte aan uitbreiding om het eigen functioneren op te vangen?

Ons gesprek

Tijdens ons gesprek met de verkenners kregen alle partijen dezelfde vraag: wat zijn de drie belangrijkste maatschappelijke opgaven voor Enschede?

Voor ons staat één punt met stip bovenaan: een betrouwbare overheid. Duidelijke afspraken. Transparantie. En vooral: uitvoerbare financiële keuzes.

Om dat kracht bij te zetten hebben wij, naar aanleiding van het artikel over het stopzetten van uitkeringen in de toeslagenaffaire [ 1 ] [ 2 ] [ 3 ] , 25 artikel 35-vragen ingediend. Die kunnen pas na onze installatie op 2 april in behandeling worden genomen.

Maar één EXTRA vraag wil ik hier alvast stellen.
Weet het college wat de uitkomst is van 400.000 gedeeld door 7.300? En is het college bereid om dat bedrag – per gedupeerde ouder – zelf aan te vullen, uit de eigen portefeuille?

Want waar ben je anders wethouder Financiën voor?

Eigen inzet

De wethouder geeft als verklaring voor zijn inzet:
“Ik heb de afgelopen vier jaar tachtig uur per week gewerkt. Dat houd je niet vol.”

En:
“Ik heb zelfs vanuit mijn ziekbed doorgewerkt nadat ik mijn nek brak.”
Dat is zonder twijfel een persoonlijk zwaar verhaal. En doorwerken tijdens ziekte kan bewondering oproepen.

Maar laten we het ook even in perspectief plaatsen.
Zelfs als we ruim rekenen en uitgaan van 65 uur per week – rekening houdend met reces – komt daar een salaris tegenover te staan van ruim €11.000 per maand.

Vergelijk dat eens met iemand in de bijstand. Die moet rondkomen van zo’n €1.600. Of iemand met een minimum salaris die ziek wordt? Dan resteert vaak 70% van een toch al minimaal inkomen.

Die mensen werken niet door uit trots, maar uit noodzaak.

En daar zit precies de kern.

Besturen gaat niet over hoeveel uur je maakt. Het gaat over de keuzes die je maakt. Over verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen van beleid. Over recht doen aan mensen die afhankelijk zijn van jouw besluiten.

De moraal van dit verhaal is dan ook simpel:
niet hoeveel je werkt bepaalt je waarde als bestuurder,
maar voor wie je werkt.

En als dat antwoord niet ondubbelzinnig “voor de inwoners van Enschede” is,
dan heb je geen 80 uur per week gewerkt — maar 80 uur langs de kern van je taak heen geleefd.

In het Belang van Enschede
Nooit opgeven.
Niets doen is geen optie.