Tijdens de actualiteitenraad van 1 juni 2026 werden de vragen behandeld die wij op 21 mei hadden ingediend. Aanleiding waren berichten die op 20 mei grootschalig verschenen in de Nederlandse media. De directe aanleiding hiervoor was een kritisch rapport van de Algemene Rekenkamer, waaruit bleek dat de screening op terrorisme-indicatoren door de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) in de praktijk gemiddeld twee jaar duurt in plaats van de voorgeschreven veertien dagen.

En wat was de reactie van de wethouder?

Er was geen bronvermelding opgenomen bij onze vragen. Daardoor kon volgens de wethouder de context niet worden meegenomen in de beantwoording. Simpel gezegd: er was niets bekend over deze berichten.

Wat je dus ziet, is een bestuurder die nog steeds in dezelfde reflex schiet zodra het gaat over vluchtelingen, een AZC of de immigratieproblematiek.

Mensen die vluchten voor oorlog en geweld moeten inderdaad worden geholpen. Daar bestaat weinig discussie over. Maar tegelijkertijd wordt ons land geconfronteerd met een voortdurende instroom van mensen die hier geen recht op verblijf hebben, staan sociale voorzieningen onder druk, zijn er onvoldoende woningen beschikbaar voor onze kinderen en neemt het gevoel van onveiligheid toe.

De beantwoording van deze scheidende wethouder wekt de indruk dat vooral wordt voldaan aan een formele antwoordplicht. Op geen enkele manier blijkt uit de beantwoording dat kennis is genomen van het kritische rapport van de Algemene Rekenkamer.

Een rapport dat verscheen naar aanleiding van onderzoek naar het Jaarverslag 2025 en de bedrijfsvoering van het ministerie van Asiel en Migratie.

Uit de beantwoording van andere vragen bleek overigens wel dat de wethouder minister Bart van den Brink heeft gesproken. Dat gesprek ging over de strikte handhaving van de Spreidingswet door de minister.

Wat echter ontbreekt, is iedere verwijzing naar de reactie van dezelfde minister op het rapport van de Algemene Rekenkamer. Terwijl die reactie juist relevant is. De minister noemde de screening “van groot belang” en gaf aan dat verbetermaatregelen in voorbereiding zijn.

Maar wat mensen ervaren

De realiteit is echter dat je op basis van informatie van onze eigen overheid in Nederland jarenlang kunt rondlopen zonder dat noodzakelijke veiligheidsscreeningen zijn afgerond.


Laat dat even op je inwerken.
Je komt Nederland binnen, knikkert je paspoort weg, vraagt asiel aan en verdwijnt vervolgens in een systeem dat volledig is vastgelopen. Volgens de Algemene Rekenkamer duurt het in veel gevallen jarenlang voordat noodzakelijke veiligheidscontroles zijn afgerond.

De overheid hoort te weten wie het land binnenkomt. Een overheid hoort risico’s snel in beeld te hebben. En onze overheid hoort de veiligheid van haar inwoners voorop te zetten.

In plaats daarvan krijgen we een systeem waarin achterstanden oplopen, controles blijven liggen en niemand nog kan uitleggen waarom dit acceptabel zou zijn.

En in Enschede wordt dit door de verantwoordelijke wethouder afgedaan met de mededeling dat er geen bronvermelding was opgenomen en de context daarom niet kon worden meegenomen in de beantwoording.

Dit is geen streng asielbeleid.
Er is geen controle.
Daarmee landelijk én lokaal bestuurlijk falen.

Echte vluchtelingen hebben recht op een snelle procedure.

Maar wij hebben ook recht op veiligheid.

Ondertussen in Zeist

Op sociale media en in de kranten verschenen beelden van een man die werd staande gehouden door vijf politieagenten. Vervolgens werd zijn vrouw, die op haar man af liep, door een politieagent met hond tegengehouden en naar de grond gewerkt.

Misschien kwam het doordat er de afgelopen weken veel discussie was over politieoptreden bij demonstraties, maar mijn eerste reactie was dezelfde als die van veel anderen: wat schandalig.

Dat was vergelijkbaar met de beelden van gesluierde vrouwen in Utrecht die werden aangehouden. Ook daar ontstond direct verontwaardiging. Later bleek echter dat het ging om winkeldieven die alles deden om aan hun aanhouding te ontkomen.

Niet omdat hard politieoptreden tegen mensen met een andere culturele achtergrond acceptabel zou zijn. Maar omdat ook in Zeist het verhaal anders bleek te liggen dan de eerste beelden deden vermoeden.

Deze mensen hadden namelijk helemaal niet meer op het AZC mogen verblijven.

Wat dat betreft is er een pijnlijke overeenkomst met de moordenaar van Lisa. Ook die had niet meer in Nederland mogen zijn.

De agressieve Palestijn

In het verslag van TC Tubantia wordt het niet volledig duidelijk. Andere media zijn op dit punt explicieter.

De Palestijnse man die in woede ontstak en voor de onrust zorgde, bleek een lange lijst van criminele antecedenten te hebben. Hij had in Griekenland vastgezeten voor drugshandel en mocht al maanden niet meer in Nederland verblijven.

Dat hij niet de enige Palestijn uit Griekenland is die naar Nederland komt, is bovendien al weken bekend.

Formeel zijn deze Palestijnen vaak stateloos, omdat Nederland geen Palestijnse nationaliteit erkent. Tegelijkertijd is bekend dat het gaat om enkele duizenden mensen met een onbekende nationaliteit die de afgelopen twee jaar een asielaanvraag hebben gedaan. Een groot deel van hen beschikt bovendien al over een verblijfsstatus in Griekenland.

Kortom: volgens het geldende internationale recht zouden zij hier niet eens moeten zijn.

Hoeveel nog?

Zijn er nog niet genoeg waarschuwingen of incidenten geweest die duidelijk zijn. Wat is er nog nodig voordat dit probleem serieus wordt aangepakt?

Hoeveel Lisa’s moeten er nog volgen voordat duidelijk wordt dat wegkijken geen oplossing is?

Het kan een ongemakkelijke waarheid zijn, maar bij sommige herkomstgroepen ligt de criminaliteit aantoonbaar vele malen hoger dan onder de autochtone Nederlandse bevolking. Waar eerder veel aandacht uitging naar Somaliërs en Eritreeërs, wordt inmiddels nadrukkelijk gewaarschuwd voor Syrische jongeren en Palestijnen die via Griekenland naar Nederland komen.

Toch zijn er nog steeds bestuurders die in hun beantwoording geen enkele blijk geven van urgentie. Terwijl de signalen zich opstapelen en de problemen zichtbaar toenemen.

Blijft uiteindelijk één vraag over:

Voor wie werk je eigenlijk?

De vragen en antwoorden zijn te zien en te horen via deze link.

In het belang van Enschede.
In het belang van Nederland.
Nooit opgeven.
Niets doen is geen optie.