Taal als afleidingsmanoeuvre
Onlangs promoveerde Mai Fleetwood-Bird aan de Erasmus Universiteit Rotterdam op het onderzoek “Gevangen in taal: Het belang van logopedie voor het jeugdstrafrecht”. De centrale conclusie: jongeren met taalproblemen hebben een grotere kans om in aanraking te komen met justitie, en gerichte taalondersteuning zou die kans verkleinen.
Dat klinkt sympathiek. Maar wie verder kijkt dan de samenvatting, ziet vooral wat níét wordt benoemd.
Wat het onderzoek niet zegt
Fleetwood-Bird baseerde haar onderzoek grotendeels op minderjarige verdachten in Rotterdam. Dat is geen neutrale steekproef.
In Rotterdam heeft naar schatting circa 70% van de jongeren een migratie- of dubbele achtergrond. Dat gegeven blijft in zowel het proefschrift als de media-aandacht opvallend afwezig.
Alsof taalproblemen losstaan van herkomst, opvoeding, culturele context en integratiebeleid.
De journalistieke conclusie luidt vervolgens dat jongeren “hun eigen rechtszaak vaak niet goed begrijpen” en dat “taalonderwijs detentie kan voorkomen”. Dat is mogelijk waar — maar het verklaart niets. Het beschrijft slechts een gevolg.
Taal is geen oorzaak, maar een symptoom
Dat taal een probleem is, ontkent niemand. De vraag is: waarom is het een probleem?
Onze samenleving is gebouwd op een christelijk-humanistische traditie, gevormd door Grieks denken, Romeins recht en eeuwenlange culturele continuïteit. Die traditie draait om verantwoordelijkheid, gezag, wederkerigheid en gedeelde normen. Taal is daarin geen bijzaak, maar een dragend fundament.
De afgelopen decennia is echter gekozen voor grootschalige, grotendeels ongecontroleerde immigratie uit culturen die op cruciale punten botsen met deze uitgangspunten.
Dat leidt aantoonbaar tot:
– structurele taalachterstanden,
– segregatie,
– parallelle samenlevingen,
– en een forse oververtegenwoordiging in criminaliteitsstatistieken.
Dat maakt niet elke immigrant een crimineel. Maar het betekent wel dat we niet naïef mogen zijn over patronen en oorzaken.
Diversiteit zonder fundament is geen verrijking
Nog altijd houden veel media en opiniemakers vast aan het idee dat de multiculturele samenleving per definitie een verrijking is. Dat kan ze ook zijn — mits er een gedeeld fundament bestaat.
Zonder gedeelde taal, waarden en loyaliteit ontstaat geen verrijking, maar fragmentatie. Dat is geen xenofobie, maar een constatering gebaseerd op dertig jaar beleidservaring.
Vrijheid, gelijkheid en democratie zijn geen losse meningen. Ze zijn het resultaat van een specifieke historische en culturele ontwikkeling. Wie die basis relativeert of oplost in vaag multiculturalisme, ondergraaft precies datgene wat samenleven mogelijk maakt.
De vergeten taal-eis
Juist daarom is het schrijnend dat Nederland structureel heeft gemarchandeerd met de taal-eis bij inburgering.
Het inburgeringsexamen toetst spreken, luisteren, lezen en schrijven van het Nederlands, evenals basiskennis van de samenleving. In theorie.
In de praktijk zien we dat:
– onvoldoende taalbeheersing zelden consequenties heeft,
– statushouders zonder voldoende taalvaardigheid doorstromen naar gemeenten,
– en vrijwel direct aanspraak maken op bijstand.
Voor een alleenstaande statushouder betekent dit een sprong van circa €58 per week naar ruim €1.300 per maand, exclusief vakantiegeld.
Ook in de bijstand geldt formeel een Wet taaleis, maar gemeenten passen die vaak niet of nauwelijks toe. Het vereiste niveau (1F) komt overeen met eind groep 6 van de basisschool. Zelfs dát blijkt vaak niet afdwingbaar.
De rekening
Volgens CBS-microdata, zoals beschreven in Migratiemagneet Nederland van Jan van der Beek, kost een gemiddelde niet-westerse migrant de samenleving circa €800.000 over de levensloop. Dat is geen moreel oordeel, maar een financieel feit.
Wanneer we dan taalproblemen aanwijzen als dé verklaring voor criminaliteit, schuiven we de echte discussie opnieuw vooruit: die over immigratie, integratie, cultuur en politieke keuzes.
Conclusie
Dit onderzoek is geen doorbraak, maar een illustratie van falend beleid.
Taal is niet de oorzaak van het probleem — het is de zichtbare schade van jarenlange politieke ontwijking.
Wie criminaliteit wil terugdringen, moet durven praten over grenzen, instroom, integratie en gedeelde waarden. Alles daaronder is symptoombestrijding.
En taal? Die volgt pas, als de basis weer klopt.
Geef een reactie